Incontinentie informatie

Plasdagboek invullen bij incontinentie (vrouw)

Praktische en medische basisinformatie voor vrouwen met urineverlies.

In het kort

  • Een plasdagboek geeft inzicht in momenten van aandrang en verlies.
  • Met data kan je huisarts of bekkenfysio gerichter adviseren.
  • Meestal is 3 tot 7 dagen registreren voldoende.

Wat is het?

In een plasdagboek noteer je drinkmomenten, toiletmomenten, urineverlies en omstandigheden.

Dit helpt om patronen en triggers zichtbaar te maken.

Voor wie is dit geschikt?

  • Vrouwen met stressincontinentie, urge-incontinentie of gemengde klachten.
  • Vrouwen die starten met blaastraining of bekkenbodemtherapie.

Zo pak je het stap voor stap aan

  1. Kies 3 aaneengesloten dagen die representatief zijn.
  2. Noteer tijden van drinken, plassen en verlies.
  3. Schrijf ook activiteit of trigger erbij, bijvoorbeeld sporten of hoesten.
  4. Bespreek de uitkomst met huisarts of bekkenfysiotherapeut.

Wat kan je zelf monitoren?

  • Gemiddeld aantal toiletbezoeken per dag.
  • Momenten met sterke aandrang.
  • Situaties met urineverlies.

Wanneer naar huisarts of specialist?

  • Als verlies toeneemt ondanks aanpassingen.
  • Bij pijn, bloed in urine of koorts.
  • Bij grote impact op kwaliteit van leven.

Veelgestelde vragen

Moet ik precies meten hoeveel ik drink?

Een goede schatting is meestal genoeg, zolang je consequent noteert.

Kan ik dit zonder begeleiding doen?

Ja, en begeleiding helpt om de uitkomst sneller te vertalen naar een passend plan.

Bronnen en richtlijnen

  • NHG
  • Thuisarts

Relevante vervolgpagina's

Dagelijkse ondersteuning

Wil je extra zekerheid tijdens je traject? Bekijk de incontinentie collectie, lees hoe het werkt of neem contact op via contact.

Verdieping: behandeling stap voor stap goed uitvoeren

Een goed plasdagboek maakt je behandelgesprek concreet en versnelt vaak de keuze voor een passend plan.

Voorbereiding in 10 minuten

  • Kies dagen die jouw normale ritme representeren.
  • Gebruik vaste notatiemomenten zodat je niets vergeet.
  • Maak categorieen voor inspanning, aandrang en verlies.

Uitvoering met opbouw

  1. Noteer starttijd van drinken en geschatte hoeveelheid.
  2. Leg toiletmoment en eventueel verliesmoment vast.
  3. Voeg trigger toe, zoals sport, stress of reizen.
  4. Sluit elke dag af met korte samenvatting.

Hoe meet je of het werkt?

  • Totaal aantal toiletbezoeken per dag.
  • Aantal verliesmomenten per situatie.
  • Momenten met hoge aandrangscore.

Wanneer aanpassen of doorverwijzen?

  • Als notatie te complex is, vereenvoudig maar blijf consistent.
  • Bij onduidelijk patroon: verleng met 3 extra dagen.
  • Bij alarmsignalen: niet wachten met huisartscontact.

Praktische combinatie met je dagelijks leven

Gebruik een eenvoudige template op je telefoon of notitieboek. Consistente registratie is belangrijker dan perfecte precisie.

Combinaties die vaak goed werken

Hulp bij twijfel

Raadpleeg de hub voor de juiste route, of stel direct je vraag via contact. Voor praktische zekerheid onderweg kun je de incontinentie collectie van Oendies bekijken.

Kritische verdieping: plasdagboek

Een dagboek werkt alleen als je consistent noteert en de data actief vertaalt naar keuzes.

Wat je eerst kritisch moet uitsluiten

  • Onvolledige registratie van slechte dagen.
  • Geen contextvelden zoals stress, sport of reizen.
  • Geen onderscheid tussen lekkage en urgente drang.

Wat in de praktijk vaak ontbreekt

  • Data wel verzamelen maar niet interpreteren.
  • Geen evaluatiemoment met behandelaar plannen.
  • Geen herhaalmeting na interventie.

Concreet 21-dagen protocol

  1. Kies 7 representatieve dagen.
  2. Registreer tijd, drinken, toilet, verlies en trigger.
  3. Bepaal hoofdpatroon en tweede patroon.
  4. Koppel direct aan concrete behandelroute.

Interne routes voor vervolg

Gebruik daarna blaastraining of bekkenbodemoefeningen. Extra ondersteuning staat op printbaar plasdagboek.